Home » Wetgeving » Algemeen
Diervoederwetgeving

In de diervoederwetgeving in Nederland zijn algemeen bindende voorschriften opgenomen voor bedrijven waarvoor het Productschap is ingesteld.


De diervoederwetgeving is grotendeels een omzetting van voorschriften die in EU verband zijn vastgesteld. Deze regelgeving is nu grotendeels opgenomen in de zgn. Kaderwet Diervoeders. Deze wet valt onder de competentie van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (is de bevoegde autoriteit).

Naar bovengenoemde wetgeving komt de laatste jaren ook de "Levensmiddelenwetgeving" op de diervoedersector af, die ook van belang is voor de diervoedersector. In dat kader kan de "Dierlijke Bijproducten Verordening 1774/2002" genoemd worden.

Opstellen van Diervoederwetgeving

De autonome productschapsregelgeving wordt door het PDV volgens standaard-procedures vastgesteld.

In samenwerking met de juridische en beleidsmedewerkers van het productschap wordt een concept-verordening opgesteld. De concept-verordening wordt afgestemd met een bestuursadviescommissie van vertegenwoordigers uit het bedrijfsleven en daarna als ontwerp aangekondigd door publicatie in het Mededelingenblad van de Sociaal-Economische Raad. Iedere belanghebbende kan dan binnen een maand commentaar leveren op het ontwerp.

Voorts wordt het ontwerp – al dan niet gewijzigd – ter vaststelling aan het productschapsbestuur voorgelegd. Een door het bestuur vastgestelde verordening moet vervolgens voor goedkeuring worden voorgelegd aan de Sociaal Economische Raad (SER). Na deze goedkeuring(-en) vindt publicatie van de verordening plaats in het Verordeningenblad van de SER, waarna ze in werking kan treden.

Het Productschap Diervoeder kan, ter nadere invulling van haar verordeningen, eveneens besluiten door haar bestuur of voorzitter laten nemen. Deze besluiten behoeven géén vooraankondiging of goedkeuring door SER respectievelijk Minister.

In geval van nationale technische voorschriften bij verordening of besluit dient Nederland deze voorschriften eerst te melden (notificeren) aan de Europese Commissie en de andere lidstaten, voordat ze in werking kunnen treden. De Commissie en de lidstaten toetsen of de voorschriften géén ongeoorloofde handelsbelemmeringen met zich mee zullen brengen. De verantwoordelijke Minister en de SER zullen hun goedkeuring van de productschaps-regelgeving in zo’n geval opschorten tot het moment waarop blijkt dat de Europese Commissie géén bezwaar (meer) heeft tegen de voorgestelde voorschriften.

Feedback
In de nieuwsbrief Feedback van het Productschap Diervoeder wordt ook regelmatig geschreven over nieuwe wetgeving.

De reeds verschenen exemplaren vindt u op deze pagina.


» printbare versie
NL DE EN
Laatste nieuws:

Organisatie
29 januari 2010
Productschappen Akkerbouw & Diervoerder presenteren Agenda 2020


26 januari 2010
Belangstellend gereageerd op themamiddag EVC

Kwaliteit
19 januari 2010
Nieuwsberichten PDV en GMP+