Home » Arbeid » Arbeidsomstandigheden » Leeftijdsbewust personeelsbeleid
Leeftijdsbewust personeelsbeleid

De Nederlandse beroepsbevolking krimpt en vergrijst. Momenteel heeft ons land zo’n 10 miljoen inwoners in de leeftijd van 20 tot 65 jaar (de potentiële beroepsbevolking), maar de komende jaren zal dit aantal sterk dalen. In 2040 zal dit naar verwachting afnemen tot 9 miljoen. Terwijl de totale potentiële beroepsbevolking krimpt, groeit binnen deze groep Nederlanders het aandeel ouderen.

 

Uit de resultaten van de Mengvoederenquête (2005) blijkt dat de vergrijzing in de diervoedersector zelfs nog groter is, zoals blijkt uit de grafiek.

Ruim de helft (55,3 %) van het aantal werknemers in de sector bevindt zich in de leeftijdscategorie 25-44 jaar. Maar liefst 38,5 % bevindt zich in de leeftijdscategorie 45-64 jaar. De diervoedersector is ten opzichte van de Nederlandse beroepsbevolking meer vergrijsd. Het werk moet door een steeds kleinere (vergrijsde groep) mensen worden opgevangen. Ongeacht leeftijd streeft de sector naar een duurzame inzetbaarheid van iedere werknemer.

In zijn loopbaan en privé-leven ondergaat de werknemer diverse fasen. Een starter op de arbeidsmarkt zonder kinderen kan heel geschikt zijn voor een functie met onregelmatige werktijden waarbij veel wordt gereisd. Een ouder met (jonge) kinderen zal eerder op zoek zijn naar mogelijkheden om thuis te werken en maakt graag duidelijke afspraken over de extern beschikbare werktijden. Eén ding hebben zij gemeen. Iedere medewerker bezit specifieke talenten, verouderd en ontplooit zich naar mate hij/zij langer werkt.

Levensfasebewust personeelsbeleid....

Levensfasebewust personeelsbeleid richt zich op het ontwikkelen, het optimaal benutten en het behouden van capaciteiten, kennis en ervaring van alle werknemers op de korte en op de lange termijn. Hiermee wordt de inzetbaarheid van werknemers verhoogd. Het beleid geldt voor elke leeftijdsgroep. Daarom spreken we liever over levensfasebewust personeelsbeleid in plaats van leeftijdsbewust personeelsbeleid. In de sector neemt de aandacht hiervoor langzaam toe. De CAO van de be- en verwerkende bedrijven heeft het beleid als belangrijk punt opgenomen. Binnen kleine bedrijven (< 20 werknemers) steken de werknemers graag hun handen uit de mouwen en werkt men vaak ad-hoc. Daardoor ontbreekt het vaak aan een inspraakorgaan, zoals een OR, of een actieve P&O afdeling die een visie ontwikkelt voor de langere termijn.

....ook in de diervoedersector

Om de sector te ondersteunen heeft de afdeling Arbeid van het Productschap Diervoeder, in samenwerking met sociale partners en met ondersteuning van het Ministerie van SZW, het initiatief genomen voor een concreet project Levensfase Bewust Personeelsbeleid in de diervoedersector. Zij wil de bewustwording over het onderwerp vergroten door het uitwisselen van ervaringen, kennis en informatie. Het beleid kan binnen een onderneming belangrijke bijdragen leveren.

De werkwijze van het project

Door middel van groepsinterviews zijn problemen en knelpunten bij verschillende grootte pilot-bedrijven besproken. De focusgroepen bestonden uit 8-15 personen en waren verdeeld naar leeftijdsopbouw (jong of startend, mid-career of spitsuur en lange dienstverbanden). Zij zijn bevraagd over hun opvattingen (ervaringen, prioriteiten, gewenste vervolgacties) rond Levensfase Bewust Personeelsbeleid. Leidinggevenden zaten in aparte focusgroepen. De gesprekken werden steeds gerichter op de knelpunten, wensen, mogelijkheden en onmogelijkheden. Vervolgens bespraken de deelnemers oplossingen en of zij daarin vertrouwen hebben. Hierbij is zorgvuldig geinventariseerd welke oplossingen door welke (leeftijds)groep worden gesteund. De bijeenkomsten duren ongeveer 2,5 tot 3 uur. Nadat alle interviews waren gehouden, hebben de leidinggevenden, P&O en hoger management het patroon van de knelpunten en oplossingen besproken. Getoetst werd of zij met deze oplossingen kunnen werken en aan welke voorwaarden het bedrijf moet voldoen om resultaten te behalen. Kleine bedrijven In de kleinere bedrijven werkte het project op een iets andere manier. Mensen werden alleen, of in groepjes van twee personen geïnterviewd. De tijd van deze interviews bedroeg maximaal 1,5 uur. Het aantal mensen, dat werd geïnterviewd, was duidelijk afhankelijk van de grootte van het bedrijf.

Resultaten van het project

In 2008 is het project afgerond en gepresenteerd in een bijeenkomst met personeelsfunctionarissen vanuit de diervoedersector. Zoals genoemd stond het ontwikkelen van de bewustwording van het belang en de mogelijkheden van LPB bij de bedrijven in de sector centraal. De bedrijven in de sector signaleren wel vergrijzing en wervingsproblemen maar het ontbreekt hen nog aan ervaringen met het werken aan oplossingen. Het project is deels uitgevoerd door IVA (een extern beleidsonderzoek- en adviesbureau) en deels door het Productschap Diervoeder en sociale partners. Het betreft een aanpak waarin oplossingen worden gezocht voor kritische punten / knelpunten in de bedrijven. Het is een op de werkvloer gerichte aanpak waarbij direct belanghebbenden, werknemers en werkgevers, van vier bedrijven zijn betrokken. Die bedrijven hebben een advies op maat ontvangen. Vanuit die ervaringen en vanuit ervaringen en onderzoeken buiten de sector is een advies voor de gehele diervoedersector opgesteld.

Het advies omvat de volgende 3 speerpunten:

• Voor medewerkers van alle leeftijden zijn de mogelijkheden om op flexibele wijze te kunnen (blijven) werken belangrijk. Salaris, deeltijd of prepensioen en flexibele werktijden waarbij medewerkers invloed hebben op hun eigen werktijden, zijn hierbij de belangrijkste onderwerpen. Die maken het werken in de sector aantrekkelijker voor instromers en oudere medewerkers.

• De cultuur binnen de bedrijven kan verder verbeterd worden door aandacht te besteden aan de kwaliteit van leidinggeven, werkoverleg, teamvorming en coaching van medewerkers onderling. Dit draagt bij aan het verminderen van ervaren werkdruk en het vinden van operationele oplossingen.

• Het loopbaanperspectief van de medewerkers kan binnen de bedrijven maar ook in netwerken tussen de bedrijven uitgewerkt worden. Dit is voor alle leeftijdsgroepen relevant, vooral voor commercieel technische medewerkers en operators. Daarbij kan worden gedacht aan taak- en functieroulatie en het (verder) ontwikkelen van EVC en opleidingen. Dit ondersteunt tevens de verdere ontwikkelingen in de sector.

Download hier het rapport Levensfase Bewust Personeelsbeleiding de Diervoedersector


» printbare versie
NL EN
Laatste nieuws:

Organisatie
14 juni 2013
Uitnodiging Feed4Foodure themamiddag

Voederwaardering
04 juni 2013
Voederwaardeprijzen per 4 juni 2013

Voederwaardering
08 mei 2013
Voederwaardeprijzen per 7 mei 2013